Een tijdje geleden maakte ik reclame voor het boek van Kelly Deriemaeker, het Blogboek. Blijkbaar hebben mijn vingers één of andere spastische neiging om altijd “Blogbloek” te tikken. Anyways.

Daar staat in, als idee, dat je een lijst moet maken van de laatste keren. Dat je boos was, dat je trots was, enzovoort.

De laatste keer dat ik moest huilen. Hmmm… Direct toch een redelijk harde, eigenlijk. Want, ik moet eerlijk toegeven, niettegenstaande ik er – tegenwoordig – uitzie als weggelopen uit een film met een tatoeageloze hardrockers, ben ik op emotioneel vlak een relatief zachtgekookt eitje.

Dus. De laatste keer dat ik huilde. Euh, ik zal maar zeggen: de laatste keer dat ik een serieuze huilbui had. Dat was op het werk. Of all places. Het jaar 2011 geloof ik. Ik had toen een dienst die net een tweetal kilometers tekort kwam om een brommerdienst te zijn, dus ik moest dat met de fiets doen. Nu was ik al naar de dokter geweest voor mijn rug, aangezien die ooit eens een serieuze ‘djok’ gekregen had, en dus redelijk vatbaar was voor schokken. Een brommer was beter voor die dienst. Goed, ik dus naar de bazin en vragen of ik ‘m met een brommer mocht doen. Komt ze doodleuk zeggen dat ik het zeer in mijn rug in mijn hoofd steek, dat ik dus maar doe alsof. Ik ben dan in tranen uitgebarsten en haar toegeroepen dat ze niet wist wat het was, al zeven jaar pijnstillers pakken om toch maar iets van functioneren te kunnen. Zat ik daar gelukkig met de röntgenfoto’s, en ben ik naar de garage gelopen om te zitten janken, waar de kuisvrouw mij vond. Dat was het begin van mijn depressie (die er geen was, volgens sommigen). En dat was dus mijn laatste grote huilbui (die ik mij herinner).

Volgende: het laatste gerecht dat ik klaarmaakte.

Ik ben een verschrikkelijk slechte kok. Ik ben in staat een roerei te doen mislukken én mijn pannenkoeken zijn zwart, in stukjes én maken een chipsgeluid als je er in bijt. Kraak dus. Iets wat ik dus al als gerecht beschouw zijn mijn noedels à la Miguelaise. Simpel: noedels van het merk Amoy, currypasta die op moet (ik geloof van het merk Delhaize) en waarom je die noedels gekocht hebt, en zoetzure saus van Suzi Wan of een ander pseudochinees merk. Gooi het samen, laat het alstublieft niet wéér aanbakken en hop, smakelijk! Dat was dus het laatste gerecht dat ik klaarmaakte. Voor de rest bestaat mijn dieet vooral uit Mama Miracoli, Dokter Oetker en nog iets waar ik de titel van kwijt ben.

Het laatste boek dat ik las.

Niettegenstaande ik het héél graag doe, lees ik véél te weinig. Heeft alles met mijn werk en avondschool te maken. Dus ja, ik lees maar stukjes uit de vele boeken die mijn kamer rijk is – té rijk, ik vermoed dat de boel wel eens in elkaar zal storten – en de laatste gelukkige is “Dragons at Crumbling Castle” van Terry Pratchett. Klinkt als een kinderboek en dat is het ook, maar het is er eentje van Terry Pratchett, die ik al meer dan een decennium bewonder voor zijn boeken. Excuus gevonden. Het gaat dus over Koning Arthur die aan een jongen vroeg om het probleem van de draken in Crumbling Castle op te lossen. Hoe het eindigt, verklap ik niet, behalve dan dat iedereen lang en gelukkig leefde of zoiets.

De laatste site die ik bezocht.

Tja, Facebook zeker? Nu, ik bezoek heus wel andere dingen dan de clichéfacebooks of -wikipedias. Ik ben vaak te vinden op de site van Games Workshop, die ik hier nu niet zal posten want ze hebben mij al genoeg geld gekost.

De laatste keer dat ik trots was.

Ik ben een man, ja, eentje die huilt. Maar ik ben een man. Daarom kan ik best trots zijn op een wind die zijn geboorte nogal luid en reuk- of smaakvol (dat zijn de beste) aankondigt. Of zijn dat doodsreutels? In elk geval, de laatste keer dat ik trots was, was op mijn schildertalenten. Een nieuwe Picasso is aan mij niet verloren gegaan, maar deze namiddag nam ik de tijd om nog eens een miniatuurtje te schilderen, en ik heb dit kunnen maken in een dag tijd (van sprue tot eindresultaat).

Wildwood Ranger 2

En daar ben ik best trots op.

M

Advertenties