Wie mijn schrijfsels hier regelmatig leest, weet dat ik best wel geboeid ben door taal – en wel twee talen in het bijzonder: het Nederlands en het Engels en al hun voorouders – en dat ik niet heb kunnen verder studeren.

Groot was mijn verbazing dan ook toen ik de krant las en botste op een artikel waarin stond dat onze academici in spe niet meer kunnen schrijven. Althans niet meer correct kunnen schrijven.

Van mij, als BSO-afgestudeerde, wordt het aanvaard en zelfs verwacht dat ik hier en daar eens zondig tegen de dt-regel, of dat ik mijn interpunctie niet al te nauw neem. Ik vind het echter, ongeacht je opleidingsniveau, een vorm van respect om foutloos te schrijven. Al zou ik iemand die hoger – in het geval van de vele reacties op facebook, de professor – niet onmiddellijk met de vinger wijzen wanneer er een fout in zijn cursus staat. Wie zonder zonde is, werpe de eerste steen.

Echter, wanneer ik ergens dt-fouten uit een tekst haal, niettegenstaande ik door mijn laag opleidingsniveau geen recht heb van spreken, word ik bekeken als de regelneef, de intellectueel (in negatieve zin) of “moet ik het allemaal niet zo serieus oppakken”. Wanneer een academicus het zegt, heeft hij plots alle gelijk van de wereld.

Maar waarom zouden de jongeren nog correct Nederlands schrijven en spreken? Het is niet alsof ze het geleerd worden. Nu misschien nog wel, maar laten we vooral niet vergeten dat de eersten die in het &&breezáh schreven nu wel aan het afstuderen zijn, al dan niet in het onderwijs.

Spreken is ook al huilen met de pet op. Je moet het maar eens aandurven om aan te tonen dat bepaalde tv-koks het niet te nauw nemen met de uitspraak. Op de nationale televisiezender. Jawel, Meus, ik kijk naar u. Verzorgde taal is niet meer nodig: da ge, potteke, petatteke, got, … Niettegenstaande enkel die ene kabouter in Kabouter Wesley dt-fouten kon lezen, stoort ook dit taalgebruik mij mateloos.

Wat meer respect voor de taal, zodat je verstaanbaar bent van Hasselt tot in Kortrijk, kan écht geen kwaad.

Advertenties